In het weekend van 13 en 14 september ben ik op bezoek geweest in de provincie Groningen.
Ik was daar op uitnodiging van Wouter Vinckers, die terecht bekend is als "Wouter
de polka man", want hij is de grote promotor en muzikant van échte polkamuziek in
het noorden des lands!
De direkte aanleiding voor mijn reis naar het hoge Noorden was het tweede accordeon-
en trekharmonicafestival in Nieuwolda op 14 september. Wouter en ik hebben daar enkele
optredens verzorgd. We waren dan wel niet de enigen daar die polka's ten gehore brachten,
maar wel de enigen die Amerikaanse polka's speelden en we konden ons gelukkig prijzen
met de begeleiding van live-banjospel door Matthijs Vinckers. Onze Cleveland-style
band in wording beschikt in ieder geval al over dit onmisbare instrument, dat zoveel
karakter en swung geeft aan deze muziek. De verdere ritmesectie (bas en drums) stond
op een "orkestband" op CD. Maar er zijn ook al contacten met een drummer en een bas/toetsenist,
zodat een complete bezetting gerealiseerd kan worden!
Maar voor het zover was, het accordeonfestival op zondag, waren er nog tal van andere
activiteiten, waarbij ik Groningen heb leren kennen als een echt polkaparadijs! Tijdens
de rit naar Omroep Menterwolde, waar we te gast zouden zijn in een radioprogramma,
reden we door het Groningse platteland, met vlakke landerijen zover het oog reikt,
langs lange, smalle kanalen tussen statige bomen. en majestueuze boerderijen, pronkend
langs smalle, zonovergoten kronkelweggetjes.
Omroep Menterwolde is gevestigd in een laag gebouwtje. Zoals in vele studio's zijn
er drie ruimtes: een opvangruimte, met daarachter de controle- of regiekamer en daar
weer achter de eigenlijke studioruimte. We waren te gast bij het programma "Theo's
Platenkoffer", om hier enkele polka's en walsen ten gehore te brengen. Dit deden
we met maar liefst drie accordeons, want ook Jan Guns, met wie Wouter samenspeelt
in het duo Jan & Wouter, was van de partij. In de opvangruimte, rond de grote tafel
in het midden, verzamelden zich de nodige gasten tijdens ons verblijf daar. Het was
voor het eerst dat ik mij midden in een gezelschap echte Groningers bevond en hoewel
een goed taalgevoel mij niet kan worden ontzegd kon ik vrijwel niets verstaan van
wat er onderling zoal werd bekokstoofd. Natuurlijk bediende men zich keurig van het
Nederlands in de gesprekken waar ik, als enige niet-Groninger, in werd betrokken.
En natuurlijk verstond ik de mooie namen die men in de Randstad niet kent, maar die
hier zo vertrouwd zijn: Frankie Yankovic, Jeff Winard, Walter Ostanek, Bob Kravos,
Roger Bright, Johnny Pecon, Joey Miskulin, Steve en Verne Meisner en vele, vele anderen,
van wie ik soms nog niet had gehoord, en dit niet zelden tot hun verbazing... Mij
viel op hoe gemoedelijk, hartelijk en gastvrij de sfeer in die studio was! En dit
zou ik overal ervaren waar ik dit weekend op bezoek was. Op de polka's die ik heb
opgenomen en die hier door Wouter zijn verspreid, werd door zoveel mensen met zoveel
hartverwarmende en enthousiaste woorden gereageerd, dat ik er vaak behoorlijk verlegen
onder werd. Er doet een hardnekkig misverstand de ronde dat Groningers zo stug zijn,
maar daar heb ik dit weekend niets van gemerkt, hoewel ik er toch erg veel heb ontmoet!
De playlist van "Theo's Platenkoffer" bevatte veel, veel muziek van de groten uit
Cleveland, zoals ik er hierboven enkelen heb genoemd. Muziek die hier heel gewoon
is en waarvan men in grote delen van Nederland nog nooit heeft gehoord. Na afloop
van het programma kreeg ik een professioneel uitgevoerde CD mee, waarop de muziek
was gezet die in dit radioprogramma was gedraaid. Als herinnering.
Later die middag bezochten we met onze instrumenten nog een vrije zender. Romantische
herinneringen aan vroeger, dertig jaar geleden, staken de kop op, na de klim naar
het kleine studiootje in een bovenkamertje, waar het een vrolijke drukte van belang
was. Het ging er hier wat luidruchtiger aan toe dan bij Omroep Menterwolde. Hier
waren de juichende polka's al even geliefd als op de andere locaties die ik dit weekend
heb bezocht. Van onze bereidheid om de instrumenten voor de dag te halen en 'm eens
flink van katoen te geven werd dan ook gretig gebruik gemaakt. De microfoons gingen
wijd open om onze klanken de ether in te strooien. Alle aanwezigen zongen luidkeels
mee met de hier zo bekende melodieën als Just Because, Big Band Polka, Café Polka
en wat al niet. En dat er "In Heaven no beer" is weten ze hier maar al te goed, als
je ziet hoe rijkelijk het stroomt. Ik werd hier als een soort vorst onthaald, kreeg
van alles aangeboden, werd van alle kanten gefotografeerd, zodat ik nauwelijks nog
wist hoe ik het had. Het was één groot polkafeest daar in dat piratenstudiootje.
Op onze "Tour door Groningen" kwamen wij ook nog terecht bij een excentrieke muzikant,
die qua uiterlijk wel wat weg had van Kenny Rogers: een mooie ruige kop met een grijze
paardenstaart en een bronzen stem als een Oekraïner. Hij had het maar over zijn "studio",
zodat ik dacht dat-ie wat overdreef, totdat ik het zag: grote batterijen apparatuur,
mengtafels, keyboards, synthesizers, noem maar op. Het is de bedoeling dat hij ons
gaat voorzien van de bassen en de zo fel begeerde Solovox, in het Noorden ook wel
genoemd het Yankovic-orgeltje. Dit is het typisch orgelgeluid dat in veel Cleveland-muziek
zo karakteristiek is.
Deze duizelingwekkende zaterdag was nog niet ten einde: 's avonds kreeg ik nog tal
van bijzondere artiesten en zeldzame opnames van de allerbeste Cleveland-Style music
te horen. En om twee uur 's nachts pakten we nog eens onze accordeons om nog wat
polka's te laten schallen.
Op zondag kwam het uiteindelijke doel naderbij: ons optreden op het tweede accordeon-
en trekharmonicafestival in Nieuwolda. Hier zouden we om 16:00 uur optreden, maar
door onbekende omstandigheden liep dat uit, zodat we pas om 17:30 uur aan de beurt
waren. Ondertussen passeerde er een stoet aan accordeonisten: kinderen, volwassenen,
groepen, groepjes, knopklavieren en pianoklavieren. Het ene was nog beter voorbereid
en speelde nog voortreffelijker dan het andere, maar toch realiseerde ik me weer
eens dat het vaak zo geëikt is: veel deunen die je altijd maar op accordeon hoort:
musette, tango, smartlappen, marsjes, (gewone) polkaatjes enzovoorts. Ik realiseerde
me weer eens dat ik blij ben te hebben gekozen voor de typische stijl van de Sloveens-Amerikaanse
polka's, de Cleveland Style. Uiteindelijk kwam dan ons optreden. Ik had al lang niet
meer op zo'n groot podium gestaan, in zulke schijnwerpers en met zo'n groot publiek
in de diepte. We hadden ons best gedaan om binnen de korte tijd die we hadden ons
zo goed mogelijk voor te bereiden. Vervolgens heb je in de praktijk dan te maken
met niet ideale geluidsomstandigheden en dat alles geeft een beetje spanning. En
hoewel ik me had voorgenomen vooral conservatief te zijn in mijn begeleiding (we
hadden afgesproken dat ik de begeleidingspartijen zou spelen), toch was ik naar mijn
gevoel wat te ambitieus in mijn streven Joey Miskulin te evenaren. Het voelt verschrikkelijk
als zo'n lange snelle toonladder niet helemaal goed uitkomt. Maar zoals dat zovaak
gaat waren de reacties achteraf heel positief. En bedenk vooral, dat er een beetje
historie is geschreven op deze zondag 14 september 2003. De eerste Nederlandse Cleveland-Style
band is geboren daar hoog in het Groningse land en liet zijn eerste tonen horen en
dat nog niet eens zo slecht! De groei, de ontwikkeling komt later. En daarmee komt
iets tot stand wat zeer uniek is. Ik ben er van overtuigd dat dit dan niet onopgemerkt
zal blijven.
Hoeveel polka's ik wel niet gehoord en gespeeld heb dit weekend... Ik zou het niet
kunnen zeggen. In de trein terug naar huis zat een jongeman die een Cd in zijn discman
stopte. Ik was verbaasd dat het geen polka was... Ik dacht het wel even te hebben
gehad met polka. Maar op maandagochtend schalde "Who the hell is Johnny" van Rodger
Bright alweer door de kamer.
Polka never ends...